De belofte van 1 Korinthe 15

Ontdek de diepgaande boodschap van 1 Korinthe 15. Deze passage openbaart de eeuwige aard van onze aarde!

 

1 Corinthe 15

Paulus was vol van Gods Wet'matigheden en geboden adviezen uit liefde! Die uit de hemel op de Berg Sinai gekomen waren van de onzichtbare God in welke band we Leven en bewegen.
Volgens de wet en Paulus in:


Handelingen 17:28 HSV Want in Hem leven wij, bewegen wij ons en bestaan wij; zoals ook enkelen van uw dichters gezegd hebben: Want wij zijn ook van Zijn geslacht.


Nu ga Ik ga proberen te vertellen waarom Paulus zegt:

1 Korinthe 15:19 HSV
Als wij alleen voor dit leven ( in deze generatie ) op Christus onze hoop gevestigd hebben, zijn wij de meest beklagenswaardige van alle mensen.

Maar voordat ik dit kan uitleggen hebben we kennis nodig die onvolwassen Eva en Adam nog niet hadden, en waarvan Paulus zegt:

Romeinen 7:7 HSV
Wat zullen wij dan zeggen? Is de wet zonde? Volstrekt niet! Ja, ik zou de zonde niet hebben leren kennen dan door de wet. Ik zou immers ook niet geweten hebben dat begeerte zonde was, als de wet niet zei: U zult niet begeren.

Voor kennis moeten we dus bij De Wet zijn, die uit de hemel kwam.
Zoals de Wet zei,
De mens is naar Gods beeld en gelijkenis geboren weliswaar.

Tot Noach zei God,
Genesis 9:6 HSV
Vergiet iemand het bloed van de mens, door de mens zal diens bloed vergoten worden; want naar het beeld van God heeft Hij de mens gemaakt.

Jezus broer Jakobus 3:9 HSV zei:
wij de mensen, die naar de gelijkenis van God gemaakt zijn.

Met een goddelijke aard aldus:
Romeinen 2:14-15 HSV
Want wanneer heidenen, die de wet niet hebben, van nature doen wat de wet zegt, zijn zij, hoewel zij de wet niet hebben, zichzelf tot wet.  Zij tonen dat het werk van de wet geschreven is in hun hart. Daar getuigt ook hun geweten van,

Zoals ook gezegd in Psalm 82:6-7 HSV
Ík heb wel gezegd: U bent goden, u bent allen zonen van de Allerhoogste; toch zult u sterven als een mens. ( als tijdelijk Bloem, Gras, Damp elders in Gods Woord/Wet)


En Jezus herhaalde dit in Johannes 10:34-35 HSV
Jezus antwoordde hun: Is er niet geschreven in uw wet: Ik heb gezegd: U bent goden? Als de wet hén goden noemde tot wie het woord van God kwam, en de Schrift niet van kracht beroofd kan worden,

De wet leerd ons!
Als je aandacht hebt voor Gods Wet Zul jij in je kinderen omhoog gaande blijven leven!!

Een mens is een levende/vruchtbare beweging van stof!

Jij als mens bent u een ziel/gedraging zoals een dier leerden we in Genesis 1:30 STV
Maar aan al het gedierte der aarde, en aan al het gevogelte des hemels, en aan al het kruipende gedierte op de aarde, waarin een levende ziel is, heb Ik al het groene kruid tot spijze gegeven. En het was alzo.

Zo begrijpen we hier dat onze Ziel/gedraging kan blijven leven ( Hoewel de mens zelf maar gras is Jesaja 51:12 HSV
Een sterveling, die sterven moet, een mensenkind, gras, dat vergaat)

Vanuit hieruit begrijpen we:

Deuteronomium 30:6 HSV
De HEERE, uw God, zal uw hart en het hart van uw nageslacht (reinigen) besnijden, om de HEERE, uw God, lief te hebben met heel uw hart en met heel uw ziel, ""zodat u leven zult.""

Met daarbij een eeuwige toekomst visie in zijn nageslacht!

Deuteronomium 7:9 HSV
 Daarom moet u weten dat de HEERE uw God is. Híj is God, de getrouwe God, Die het verbond en de goedertierenheid in acht neemt voor wie Hem liefhebben en Zijn geboden in acht nemen, tot in duizend generaties.

Voor zichzelf in het graf heeft de Mens geen visie!

Psalmen 88:6 BB
Ik ben al zo goed als dood. Binnenkort kunnen ze me begraven. Dan zal ik bij de doden zijn, aan wie U niet meer denkt en voor wie U niets meer hoeft te doen.

Een generatie is 20 jaar in de Bijbel.  Dan geeft God aan Godvrezende mensen ( mensen die God erkennen voor wie Hij aangeeft dat Hij Is ( een toekomst vsn 1000 x 20 = 20.000 jaar dat is 200 eeuwen hier op aarde!

Dat dit niet in een buiten kosmische hemel maar op aarde moet zijn weten we uit:
Psalm 115:16-17 HSV
De hemel, de hemel is van de HEERE, maar de aarde heeft Hij aan de mensenkinderen gegeven. De doden zullen de HEERE niet prijzen, evenmin al wie in de stilte neergedaald zijn.

Dit komt overeen met:
Psalm 37:29 HSV
De rechtvaardigen zullen de aarde bezitten en voor eeuwig daarop wonen.

En dat dit ik dit in Mijn nageslacht op een heel natuurlijke manier zal zien gebeuren staat hier:

Spreuken 2:21-22 HSV
De vromen zullen immers de aarde bewonen, en de oprechten zullen erop overblijven. De goddelozen echter zullen van de aarde uitgeroeid worden, trouwelozen zullen ervan weggerukt worden.

Zoals Jesaja profiteerde/voorzag over de toekomst/eeuwigheid in de wereld 
Jesaja 11:9-10 HSV
Men zal nergens kwaad doen of verderf aanrichten op heel Mijn heilige berg, want de aarde zal vol zijn van de kennis van de HEERE, zoals het water de bodem van de zee bedekt. Want op die dag zal de Wortel van Isaï (Jezus alles in allen ) er zijn, Die zal staan als banier voor de volken. Naar Hém zullen de heidenvolken vragen. Zijn rustplaats zal heerlijk zijn.

Dat Jezus de wortel (afkomst) en de vervulling word leren we uit.

"Ik, Jezus, heb mijn engel gezonden om u deze dingen voor de gemeenten te betuigen. Ik ben de Wortel en het Nageslacht van David, de blinkende Morgenster." Openbaring 22:16 (HSV)

En dat Deze Immanuel/God met ons uiteindelijk alles met Zichzelf vervuld zegt Paulus met:

1 Korinthe 15:28 HSV
En wanneer alle dingen aan Hem onderworpen zijn, dan zal ook de Zoon Zelf Zich onderwerpen aan Hem Die alle dingen aan Hem onderworpen heeft, opdat God alles in allen zal zijn.

Dat Dit "Nu Nog" even niet overal op aarde is maar komende is zegt Hebreeën 2:8-9 HSV
alle dingen hebt U onder zijn voeten onderworpen. Want bij het onderwerpen van alle dingen aan Hem heeft Hij niets uitgezonderd wat Hem niet onderworpen is. Nu zien wij echter nog niet dat Hem alle dingen onderworpen zijn,  maar wij zien Jezus ( Immanu'el/God) met heerlijkheid en eer gekroond, (de Baas zijn dwars door Lijden heen op Zijn en ons kruis heen op aards)

Dat dit van alle koninkrijken onderwerpen gaandeweg uitbreidend in de wereld plaats vind en gebeuren zal zoals bij David en in Zijn Psalmen, dat leren we onder andere in Jesaja 9:6 HSV
Aan de uitbreiding van deze heerschappij en aan de vrede zal geen einde komen op de troon van David en over zijn koninkrijk, om het te grondvesten en het te ondersteunen door recht en gerechtigheid, van nu aan tot in eeuwigheid. De na-ijver van de HEERE van de legermachten zal dit doen.

Vandaar zingt Gods kerk graag nog altijd Davids Psalmen. 

En in Lukas 1:32 HSV
Hij ( Immanu'El/Jezus) groot zijn en de Zoon van de Allerhoogste genoemd worden, en God, de Heere, zal Hem ""de troon van Zijn vader David"" geven,


En dit gebeurt zoals Jezus ons Het voorstelde:
Mattheüs 28:19-20 HSV
Ga dan heen, onderwijs al de volken, hen dopend (  in de Informatie over ) in de Naam van de ( zelf opofferende ) Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest, hun lerend alles wat Ik u geboden heb, in acht te nemen. En zie, Ik ben met u al de dagen, tot de voleinding ( van deze klus in )  de wereld. Amen.

Voor David en Abraham was het een feest dat hun nageslacht en herrinnering aan hen/nagedachtenis (geesten van de rechtvaardigen in Hebreeën 12:23) schitterende richting gevende sterren zouden worden in de Wereld.

Vandaar zei David tot God op zijn oude dag!

1 Kronieken 17:17 HSV
En dit was in Uw ogen nog gering, o God, en U hebt ook nog over het huis van Uw dienaar gesproken tot in verre tijden; en U hebt mij als een rij mensen gezien, in opgaande lijn, HEERE God!

Eerder leerden we al van God ak bij Abraham, dat Als God iemand wilde belonen, dan begon de eeuwige God te spreken tegen Zijn tijdelijke sterveling over zijn nageslacht, kinderen en kleinkinderen.

Genesis 15:4-5 HSV
Maar zie, het woord van de HEERE kwam tot hem: Deze man (uit Damaskus) zal uw erfgenaam niet zijn, maar iemand die uit uw eigen lichaam voortkomt, die zal uw erfgenaam zijn. Toen leidde Hij hem naar buiten en zei: Kijk toch naar de hemel en tel de sterren, als u ze kunt tellen. En Hij zei tegen hem: Zo talrijk zal uw nageslacht zijn.

Dat ons leven zwaar en moeilijk is als zelf opofferende Christus/n moge u duidelijk Zijn!

Petrus snapte het niet en dacht Jezus het Lijden te moeten beletten: Jezus noemde Petrus daarom 1 x satan.

Aggabus dacht Paulus te moeten beletten om te lijden in Jeruzalem, maar Paulus zei kap er is mee, je maakt mijn hart Lauw!

Jods vrienden begrepen niet waarom er zoveel lijden in Jobs leven wat, en ze maakte Job verward, en God boos op hen.

36 X = DOOD IS TE RUSTE GAAN
36 keer zien We alle soorten goddeloze en vrome koningen terug de warme bron/Emmaus/aarde in gaan.
18 keer in koningen
 1 Koningen: Ong. 9 keer.
 2 Koningen: Ong. 9 keer.

18 KEER in Kronieken
 1 Kronieken: Ong. 6 keer.
2 Kronieken: Ong. 12 keer

Dat de aarde warm is leerden we uit

Job 28:5 BB
Op de aarde groeit het graan, maar ver in de diepte daaronder beweegt de aarde als een vloeibaar vuur.

Paulus en Job vonden het lijden als Christus in deze wereld soms, zo een grote onrust dat ze de rust van het graf verkozen boven het zware opofferende Christus/n leven.

En dat God ons als geslachtslijn/boom ziet zegt Hebreeën ook met:

Hebreeën 7:9-10 HSV
En – om zo te zeggen – ook Levi, die tienden neemt, heeft door Abraham tienden gegeven. Want hij was nog in het lichaam van zijn vader, toen Melchizedek hem tegemoet ging.

In het oude testament zagen we God ook vaker kleinkinderen van Jacob/Israël aanspreken, alsof zij alles meegemaakt hadden in de vorige generaties.

Deuteronomium 5:2-4
Mozes spreekt de generatie aan die na de uittocht is geboren:
"De HEERE, onze God, heeft een verbond met ons gesloten bij Horeb. Niet met onze vaderen heeft de HEERE dit verbond gesloten, maar met ons, met ons die hier heden allen in leven zijn."
(Toch waren velen van hen niet persoonlijk aanwezig bij de Sinaï/Horeb. Mozes betrekt hen volledig bij dat verbond.)

Deuteronomium 29:2-3
"U hebt alles gezien wat de HEERE voor uw ogen in Egypte gedaan heeft..."
(Veel van de toehoorders waren kinderen of nog niet geboren tijdens de plagen in Egypte, maar Mozes spreekt hen aan als deelnemers aan dezelfde geschiedenis).

Jozua 24
Jozua citeert God:
"Ik nam uw vader Abraham van over de rivier..."
Daarna gaat God door de geschiedenis van Isaak, Jakob, Egypte en de uittocht heen, terwijl Hij het huidige volk aanspreekt met "u" en "uw".

Psalm 66:6
"Hij veranderde de zee in droog land; zij gingen te voet door de rivier; daar verheugden wij ons in Hem."
De psalmist zegt "wij", hoewel hij eeuwen later leefde dan de generatie van de uittocht.

Nehemia 9
Tijdens de nationale schuldbelijdenis identificeren de Israëlieten zich met de zonden van hun voorouders:
"Onze vaderen hebben hoogmoedig gehandeld..."

Door onzelf te beschouwen als los staande objecten van onze voorouders ( Zoals in de Griekse Mythologie en in de evolutie theorie ).

Dat maak dat je je niet meer verootmoedigwn kan en wil om hetgeen wat voorouders misdaden en je beneemt het nageslacht de trots op hun voorgeslacht op wat Zijn samen met God in de 8ste Scheppings dag, aan infrastructuur en samenleving opgebouwd hebben in de wereld.

Spreuken 17:6 BB
Oude mensen zijn trots op hun kleinkinderen. En kinderen mogen trots zijn op hun ouders.


Een eeuwige aarde: Gods plan

1 Korinthe 15 onthult een prachtige waarheid: deze aarde is niet tijdelijk, maar eeuwig. Het is Gods plan dat er eerlijke mensen op zullen blijven, een constante herinnering aan zijn liefde en rechtvaardigheid. Deze boodschap brengt vreugde en hoop voor de toekomst die God voor ons heeft voorbereid.

Blijdschap in de belofte

Na het lezen van deze pagina willen we dat je een gevoel van diepe blijdschap ervaart. De zekerheid van een eeuwige aarde bevolkt door oprechte mensen, zoals beschreven in 1 Korinthe 15, is een bron van immense vreugde. Laat deze boodschap je hart vullen met hoop en verwondering.

Verdiep je in Immanuel God/Jezus

We nodigen je uit om jezelf verder te verdiepen in de wonderen van Immanuel God/Jezus op aarde. De waarheden uit 1 Korinthe 15 vormen een fundament voor een dieper begrip van Gods plan voor de mensheid. Laat deze openbaring je leiden tot een verheugende ontdekking van zijn aanwezigheid in ons leven.