Mens = gras en God

Je bent als sterveling tijdelijk als tijdelijk gras, en aan God gelijk.

 

 

God schiep ons hoewel tijdelijk als stervelingen eerst naar Zijn beeld en later zien we mensen naar Gods gelijkenis hun leven geven als Jezus! En later zoals Stefanus en Paulus tot uitbreiding van Gods Koninkrijk. 

 

1. Jezus broertje zei in Jakobus 3:9 HSV: Wij de mensen, die naar de gelijkenis van God gemaakt zijn.
2. Dichters in handelingen 17:28 zeiden: Wij zijn van Gods geslacht.                                                                                     3. Jezus zei in Johannes10:34: Ik heb gezegd: U bent goden?
4. David zei in Psalm 82:6 HSV:
U bent goden, u bent allen zonen van de Allerhoogste;
5. God zei tegen Noach in Genesis 9:6 Naar het beeld van God heeft Hij de mens gemaakt.

 

 

De Bijbel vergelijkt de mens vaak met gras. Prediker 3:18-19 (HSV) stelt: "Mensenkinderen zijn voor zichzelf als de dieren zijn. Want wat de mensenkinderen overkomt, overkomt ook de dieren. Hun overkomt een en hetzelfde. Zoals de één sterft, zo sterft de ander, en zij hebben alle een en dezelfde adem. De mensen hebben niets voor op de dieren, want alles is vluchtig."

 

Gemaakt naar Gods gelijkenis

 

Ondanks onze tijdelijkheid, zijn we ook uniek. Jakobus 3:9 (HSV) herinnert ons eraan: "Wij de mensen, die naar de gelijkenis van God gemaakt zijn." Handelingen 17:28 vertelt ons dat "Wij zijn van Gods geslacht." Jezus zelf bevestigde dit in Johannes 10:34: "Ik heb gezegd: U bent goden?" David spreekt hierover in Psalm 82:6 (HSV): "U bent goden, u bent allen zonen van de Allerhoogste." En al in Genesis 9:6 zei God tegen Noach: "Naar het beeld van God heeft Hij de mens gemaakt."

De vergankelijkheid van de mens staat in contrast met de eeuwigheid van Gods Woord. Jesaja 40:6-8 (HSV) zegt: "Alle vlees is gras en al zijn goedertierenheid als een bloem op het veld. Het gras verdort, de bloem valt af, als de Geest van de HEERE erover blaast. Voorwaar, het volk is gras. Het gras verdort, de bloem valt af, maar het Woord van onze God bestaat voor eeuwig." En Jesaja 51:12 (HSV) voegt eraan toe: "Ik, Ik ben het Die u troost. Wie bent u dat u bevreesd bent voor een sterveling, die sterven moet, voor een mensenkind, gras, dat vergaat."

 

Vandaar vraagt Job aan God in zjob 10:5 HSV; Zijn Uw dagen als de dagen van een sterveling? Zijn Uw jaren als de dagen van een man,